Alkmaar is de kaasstad van Noord-Holland en een binnenstad die je in één dag ruim kunt bekijken. De leukste bezienswaardigheden zijn de kaasmarkt op het Waagplein, de Grote of Sint-Laurenskerk, het Stedelijk Museum, de Mient en de Verdronkenoord met hun grachtenpanden, het Hofje van Splinter en de Molen van Piet op de stadswal. Wie in het seizoen komt, tussen eind maart en eind september, plant de dag rond de kaasmarkt op vrijdagochtend; buiten die periode is Alkmaar juist rustig en heb je de smalle straatjes rond de Langestraat bijna voor jezelf. Alles ligt binnen tien minuten lopen van station Alkmaar.
De kaasmarkt op het Waagplein
De kaasmarkt is de reden dat de meeste bezoekers naar Alkmaar komen. Elke vrijdag van 10.00 tot 13.00 uur, van eind maart tot eind september, dragen de kaasdragers in hun witte pakken en gekleurde strohoeden de kazen op berries naar de Waag. Het is een traditie die sinds 1593 bestaat en tegenwoordig vooral een spektakel is, maar wel een goed georganiseerd spektakel met uitleg in het Nederlands, Engels en Duits. Kom ruim voor tienen als je vooraan wilt staan. In de Waag zelf zit het Kaasmuseum, waar je ziet hoe kaas vroeger werd gemaakt en waarom Noord-Hollandse kaas rood van buiten is. Buiten het seizoen is het Waagplein een gewoon, gezellig plein met terrassen en het carillon dat elk kwartier speelt.
De Grote Kerk en het centrum
De Grote of Sint-Laurenskerk aan het Kerkplein is een laatgotische kerk uit de vijftiende en zestiende eeuw, met een van de oudste bespeelbare orgels van Nederland uit 1511. De kerk wordt tegenwoordig gebruikt voor concerten en tentoonstellingen en is de meeste dagen gratis te bezoeken. Vanaf het Kerkplein loop je via de Langestraat, de belangrijkste winkelstraat, terug richting het Waagplein. Onderweg passeer je het stadhuis met zijn trapgevel uit 1520. Sla een zijstraat in naar de Mient of het Verdronkenoord: dat zijn de grachten waar de oude pakhuizen en koopmanshuizen staan, met de Accijnstoren als herkenningspunt op de hoek.
Stedelijk Museum en het Hofje van Splinter
Het Stedelijk Museum Alkmaar aan het Canadaplein toont schilderijen uit de Gouden Eeuw, de geschiedenis van het Beleg van Alkmaar in 1573 en een vaste collectie van de Bergense School. Het is compact, in anderhalf uur ben je erdoorheen, en het is een prettige plek als het regent. Vlakbij, aan de Ritsevoort, ligt het Hofje van Splinter uit 1646, een klein binnenhof met huisjes rond een tuin. Het is nog steeds bewoond, dus wandel er stil doorheen, maar het is een van de mooiste plekken van de stad om even te zitten.
De stadswal en de Molen van Piet
Alkmaar heeft aan de westkant nog een stuk van de oude stadswal, met daarop de Molen van Piet, een korenmolen uit 1769 die nog steeds maalt. Op zaterdagen is hij vaak open en kun je meel kopen. Vanaf de wal kijk je over de Singelgracht en loop je in een kwartier naar de Alkmaarder Hout, het oudste stadspark van Nederland, aangelegd in 1607. In de herfst is de wandeling over de wal en door de Hout op zijn mooist.
Praktisch voor een dagje Alkmaar
Vanuit Amsterdam ben je met de trein in een half uur op station Alkmaar; het centrum ligt op vijf minuten lopen. Met de auto parkeer je het goedkoopst in de Schelphoek-garage aan de oostkant, op tien minuten lopen van het Waagplein. Voor een lunch is de Fnidsen, een smal straatje bij het Verdronkenoord, de plek met de meeste kleine eettentjes. Wie de stad vanaf het water wil zien, stapt op de rondvaartboot bij de Mient; een tocht van drie kwartier gaat onder de laagste bruggetjes van de stad door. En wil je de kaasmarkt echt meemaken, kom dan op een vrijdag in april of september: dan is het minder druk dan in juli en augustus, terwijl het programma hetzelfde is.